Stress- en Burn-outtest

Hoe kwetsbaar ben jij voor burn-out?

Burn-out komt zelden uit het niets. Het sluipt erin — gevoed door situaties waarin je te veel moet, te weinig invloed hebt of onvoldoende ruimte voelt om op te laden. De Pottertest helpt je ontdekken hoe vatbaar jij op dit moment bent voor burn-out.

Deze gevalideerde test is gebaseerd op de Burnout Potential Inventory van de Amerikaanse burn-outexpert Dr. Beverly Potter. Deze Nederlandse versie bestaat uit 40 stellingen, verdeeld over 10 categorieën die bekende stressfactoren in kaart brengen.

De test brengt in beeld welke omstandigheden in jouw werksituatie een risico vormen voor overbelasting en uitputting. Het geeft je richting, overzicht en bewustwording. Een waardevol reflectie-instrument voor wie wil voorkomen dat stress zich opstapelt — en de regie wil houden over vitaliteit en veerkracht.

De Pottertest is gratis – en zonder gedoe

Je hoeft je nergens voor aan te melden. Gewoon invullen, direct je uitslag zien en klaar. Want eerlijk inzicht in je stressniveau zou geen drempel moeten hebben.

Dankjewel, !

Voor het invullen van de test, neem de afgelopen 6 maanden in gedachten. Denk daarbij aan je werk en je privéleven. Lees de volgende onderwerpen door en geef aan hoe vaak het symptoom op jou van toepassing is.

Je geeft per stelling aan in hoeverre die op jou van toepassing is. Zo krijg je inzicht in:

  • Waar je energie weglekt in je werkcontext.
  • Welke factoren jou kwetsbaarder maken voor burn-out.
  • Waar je ruimte kunt creëren voor verandering en herstel.

Disclaimer: Dit is geen officiële uitslag. Deze test geeft een indicatie. Een officiële diagnose wordt altijd gesteld door huisarts, bedrijfsarts of andere daarvoor gecertificeerd persoon. Aan deze test kunnen dus geen rechten ontleend worden.

Machteloosheid

Je hebt weinig invloed op je taken, planning of manier van werken. Besluiten worden boven je hoofd genomen.

Ik voel dat ik geen controle heb over mijn werkomstandigheden *
Ik weet vaak niet wat er precies van mij verwacht wordt *
Mijn inspanningen lijken weinig verschil te maken *
Ik voel me vaak gevangen in hoe dingen gaan op mijn werk *

Gebrek aan informatie

Je mist informatie die nodig is om je werk goed te doen. Dat zorgt voor frustratie, misverstanden en vermijdbare fouten.

Ik weet vaak niet wat er precies van mij verwacht wordt *
Ik ontvang onvoldoende informatie om mijn werk goed te doen *
Doelen en prioriteiten zijn niet duidelijk voor mij *
Ik ontvang belangrijke informatie vaak te laat of onvolledig *

Conflict

Je ervaart spanningen of botsingen met collega’s, leidinggevenden of klanten. Dit kost energie en haalt het plezier uit je werk.

Ik kom vaak klem te zitten tussen collega’s of leidinggevenden *
Ik moet voldoen aan tegenstrijdige opdrachten *
Ik ben het vaak oneens met collega’s of leidinggevenden *
Ik moet van het beleid afwijken om mijn werk gedaan te krijgen *

Slecht teamwerk

Er is weinig onderlinge afstemming, samenwerking of steun. Je moet vooral zelf je boontjes doppen.

Mijn collega’s ondersteunen mij niet goed *
Er is veel roddel of achterklap in het team *
Ik voel me niet veilig om fouten toe te geven *
Iedereen lijkt vooral met zichzelf bezig te zijn *

Overbelasting

Er ligt structureel te veel op je bord. Je holt van taak naar taak en rustmomenten blijven uit.

Mijn werk eist meer van me dan ik aan kan *
Ik heb te weinig tijd om mijn werk goed af te maken *
Mijn werk beïnvloedt mijn privéleven negatief *
Ik moet vaak overwerken om alles af te krijgen *

Verveling

Je taken zijn eentonig of onder je niveau. Zonder uitdaging of afwisseling raak je je betrokkenheid kwijt.

Mijn werk is voorspelbaar en saai *
Ik voel me intellectueel niet uitgedaagd *
Mijn werk voelt zinloos aan *
Ik heb het gevoel dat ik stilstaan in mijn ontwikkeling *

Gebrek aan feedback

Je krijgt weinig terugkoppeling over je prestaties. Zonder waardering of bijsturing voelt je werk al snel zinloos of onzeker.

Ik weet niet of ik mijn werk goed doe *
Positieve feedback blijft vaak uit *
Problemen worden pas besproken als het fout gaat *
Ik krijg weinig waardering voor mijn inzet *

Straf

Fouten worden afgestraft of afgestraft voelen, in plaats van gezien als leermomenten. Dit remt initiatief en openheid.

Ik krijg de schuld van dingen die ik niet heb gedaan *
Anderen krijgen erkenning voor mijn werk *
Ik word afgerekend op kleine fouten *
Ik krijg regelmatig kritiek die onterecht of overdreven is *

Gebrek aan verbondenheid

Je voelt geen verbinding met je werk, collega’s of organisatie. Het voelt alsof je er niet echt bij hoort — of niet meer wilt horen.

Ik voel me alleen of buitengesloten op mijn werk *
Er is weinig onderlinge verbondenheid *
Mijn werk past niet bij wie ik ben *
Ik voel geen betrokkenheid bij het grotere geheel *

Onduidelijkheid

Je weet niet goed wat er van je verwacht wordt. Rollen, doelen of verantwoordelijkheden zijn vaag of steeds wisselend.

Regels en beleid veranderen steeds *
Er is geen duidelijk pad voor groei of promotie *
Taken of verwachtingen veranderen zonder uitleg *
Er is veel willekeur in hoe beslissingen worden genomen *